Ik krijg hier mensen die een gigantische elektrische overlast hebben. Dat is erg gevaarlijk. Onze celmembranen hebben namelijk een bepaalde lading, die tegenovergesteld is aan de lading van het protoplasma van de cel. Als dat evenwicht wordt verstoord, worden de cellen als het ware ontladen. Ze worden poreuzer, waardoor allerlei schadelijke stoffen kunnen binnenkomen. Op die manier kan elektromagnetische vervuiling mensen ziek maken.’
Moolenburgh kreeg twee jaar geleden een meisje van acht op zijn spreekuur. Ze was al een half jaar vreselijk moe. Hij deed alle mogelijke allergietesten, maar het kind reageerde niet. Na een half jaar zei hij tegen de moeder: ‘Meestal lukt het me wel, 85 procent van de kinderen die ik zie, wordt beter. Is er in het afgelopen jaar misschien iets gebeurd dat ik nog niet weet?’ De moeder kon zich niets herinneren, het meisje echter wél. Er bleek een GSM-zender op het dak van de school te zijn gebouwd. ‘Die stoorde onze walkmans,’ vertelde het meisje. De ouders stuurden het kind naar een andere school. Binnen veertien dagen was ze beter. Het effect van elektromagnetische straling blijkt nog een onderschat onderwerp. ‘Er is een flink aantal boeken over elektromagnetische vervuiling geschreven, maar het is nog niet tot de universiteit doorgedrongen,’ zegt Moolenburgh en hij wijst in het bijzonder op het gevaar van de magnetron die in vele huishoudens dagelijks wordt gebruikt: ‘De magnetron doodt alle enzymen en verandert de goede vetten in slechte vetten. Ik heb zelf vastgesteld dat de magnetron enorm veel energie aan mensen ontneemt. Bovendien produceert het ding veel deeltjes, die je ook bij radioactieve vervuiling ziet. Zoals een goede vriend en collega in de Verenigde Staten zegt: “Er is maar een plaats voor de magnetron: de schroothoop!”’
Nadat Moolenburgh met zijn patiënten langs de gebieden van aarde, water, lucht en vuur is geweest en zoveel mogelijk heeft schoongemaakt, kijkt hij naar de rest en werkt dan zo nodig via orthodoxe methoden. Keer op keer ziet hij echter, dat mensen hun leefpatronen maar heel moeilijk veranderen. ‘Ik denk dat het een vorm van luiheid is. Als je naar de dokter gaat, verwacht je een pil. Klaar.
Als ik tegen iemand zeg: “U hebt al drie jaar hoofdpijn, u eet te veel drop en u drinkt niet. U moet elke dag acht glazen water drinken en geen dropjes meer eten”, dan vraag ik inzet van die patiënt. De meeste mensen zijn daartoe niet bereid. Net als instant voedsel, willen ze instant genezing.
Als er dan een andere klacht bovenop de hoofdpijn komt, wordt het verband ook niet meer gezien.
Het ligt dus niet alleen aan de artsen. Artsen reageren ook op hun patiënten. Als iemand instant genezing wil, denkt de arts ook: “OK, dan krijg je dat”.
Artsen hebben het bovendien erg druk. Nog iets: door onze opleiding worden wij opgevoed om buitengewoon gehoorzaam te zijn. Op het moment dat je uit de pas loopt, krijg je een hoop gelazer.’
En daar kan Moolenburgh over meepraten. Hij liep regelmatig uit de pas en had regelmatig gelazer. De strijdbare arts heeft zich zijn leven lang verzet tegen wat hij ‘intellectuele onderdrukking’ noemt. Niet voor niets werd zijn motto:
‘Geloof nooit iets totdat het officieel wordt ontkend’.
Zijn bekendste strijd begon in 1968 toen de regering besloot fluor aan het drinkwater toe te voegen.
Moolenburgh klom in de pen en schreef een stukje in de krant, waarin hij zich verzette tegen het verspreiden van een geneesmiddel via het drinkwater. Hij waarschuwde bovendien voor de toename van kanker.
Die woorden bleken profetisch. Naderhand hebben de Amerikaanse chemici Dean Burk en John Yiamouyiannis in de Verenigde Staten onderzoek gedaan onder twee maal tien miljoen mensen van verschillende steden. Het bleek dat gefluorideerd water de kankersterfte binnen vijf jaar met tien procent doet toenemen. Moolenburgh werd na zijn stukje in de krant op het matje geroepen en moest zich melden bij de inspecteur van de volksgezondheid. Daar speelde zich de volgende dialoog af:
De inspecteur: ‘U maakt de bevolking onrustig’.
Moolenburgh kreeg twee jaar geleden een meisje van acht op zijn spreekuur. Ze was al een half jaar vreselijk moe. Hij deed alle mogelijke allergietesten, maar het kind reageerde niet. Na een half jaar zei hij tegen de moeder: ‘Meestal lukt het me wel, 85 procent van de kinderen die ik zie, wordt beter. Is er in het afgelopen jaar misschien iets gebeurd dat ik nog niet weet?’ De moeder kon zich niets herinneren, het meisje echter wél. Er bleek een GSM-zender op het dak van de school te zijn gebouwd. ‘Die stoorde onze walkmans,’ vertelde het meisje. De ouders stuurden het kind naar een andere school. Binnen veertien dagen was ze beter. Het effect van elektromagnetische straling blijkt nog een onderschat onderwerp. ‘Er is een flink aantal boeken over elektromagnetische vervuiling geschreven, maar het is nog niet tot de universiteit doorgedrongen,’ zegt Moolenburgh en hij wijst in het bijzonder op het gevaar van de magnetron die in vele huishoudens dagelijks wordt gebruikt: ‘De magnetron doodt alle enzymen en verandert de goede vetten in slechte vetten. Ik heb zelf vastgesteld dat de magnetron enorm veel energie aan mensen ontneemt. Bovendien produceert het ding veel deeltjes, die je ook bij radioactieve vervuiling ziet. Zoals een goede vriend en collega in de Verenigde Staten zegt: “Er is maar een plaats voor de magnetron: de schroothoop!”’
Nadat Moolenburgh met zijn patiënten langs de gebieden van aarde, water, lucht en vuur is geweest en zoveel mogelijk heeft schoongemaakt, kijkt hij naar de rest en werkt dan zo nodig via orthodoxe methoden. Keer op keer ziet hij echter, dat mensen hun leefpatronen maar heel moeilijk veranderen. ‘Ik denk dat het een vorm van luiheid is. Als je naar de dokter gaat, verwacht je een pil. Klaar.
Als ik tegen iemand zeg: “U hebt al drie jaar hoofdpijn, u eet te veel drop en u drinkt niet. U moet elke dag acht glazen water drinken en geen dropjes meer eten”, dan vraag ik inzet van die patiënt. De meeste mensen zijn daartoe niet bereid. Net als instant voedsel, willen ze instant genezing.
Als er dan een andere klacht bovenop de hoofdpijn komt, wordt het verband ook niet meer gezien.
Het ligt dus niet alleen aan de artsen. Artsen reageren ook op hun patiënten. Als iemand instant genezing wil, denkt de arts ook: “OK, dan krijg je dat”.
Artsen hebben het bovendien erg druk. Nog iets: door onze opleiding worden wij opgevoed om buitengewoon gehoorzaam te zijn. Op het moment dat je uit de pas loopt, krijg je een hoop gelazer.’
En daar kan Moolenburgh over meepraten. Hij liep regelmatig uit de pas en had regelmatig gelazer. De strijdbare arts heeft zich zijn leven lang verzet tegen wat hij ‘intellectuele onderdrukking’ noemt. Niet voor niets werd zijn motto:
‘Geloof nooit iets totdat het officieel wordt ontkend’.
Zijn bekendste strijd begon in 1968 toen de regering besloot fluor aan het drinkwater toe te voegen.
Moolenburgh klom in de pen en schreef een stukje in de krant, waarin hij zich verzette tegen het verspreiden van een geneesmiddel via het drinkwater. Hij waarschuwde bovendien voor de toename van kanker.
Die woorden bleken profetisch. Naderhand hebben de Amerikaanse chemici Dean Burk en John Yiamouyiannis in de Verenigde Staten onderzoek gedaan onder twee maal tien miljoen mensen van verschillende steden. Het bleek dat gefluorideerd water de kankersterfte binnen vijf jaar met tien procent doet toenemen. Moolenburgh werd na zijn stukje in de krant op het matje geroepen en moest zich melden bij de inspecteur van de volksgezondheid. Daar speelde zich de volgende dialoog af:
De inspecteur: ‘U maakt de bevolking onrustig’.
👍1
Moolenburgh: ‘Maar dat is mijn bedoeling!’
‘Ja maar dat mag u niet.’
‘Waarom niet?’
‘Ik moet u dat verbieden.’
‘Van wie moet u dat?’
Het bleek dat de inspecteur een telefoontje van het ministerie had gekregen. Moolenburgh moest worden berispt, omdat hij het vertrouwen in de medische stand zou ondermijnen. Moolenburgh was de man echter te slim af: ‘Ik heb niet als arts geschreven, maar als burger.’ Overigens hebben we het voor een groot deel aan Moolenburgh en zijn boek over het gevaar van fluor te danken, dat het toevoegen van fluor aan drinkwater in 1976 officieel werd verboden.
𝘋𝘦 𝘸𝘦𝘵𝘦𝘯𝘴𝘤𝘩𝘢𝘱 𝘬𝘦𝘯𝘵 𝘨𝘦𝘦𝘯 𝘵𝘳𝘢𝘯𝘦𝘯
Moolenburgh schreef een boek over ‘uit de pas lopende artsen’: De wetenschap kent geen tranen. ‘Ik heb een groot aantal processen gezien tegen collegae die werden aangevallen door de officiële geneeskunde, omdat zij kanker niet volgens de richtlijnen hadden behandeld. Het meest absurde voorbeeld was een arts die een kind had genezen, maar werd vervolgd omdat hij het niet met chemotherapie had gedaan. Het probleem ligt echter niet alleen bij de overheid.
Er is sprake van een onheilige drie-eenheid: staat, wetenschap, commercie. Het werkt zo: de commercie heeft een nieuw middel gemaakt en laat dat – tegen betaling van een behoorlijk bedrag – onderzoeken door een wetenschapper die liefst verbonden is aan een universiteit. Tegelijkertijd wordt een verzoek ingediend bij de staatscommissie voor de verpakte geneesmiddelen. Als de universiteit het groene licht geeft, dan laten de leden van de staatscommissie het toe op de markt. Deze procedures kosten veel geld en zijn meestal alleen haalbaar voor de farmaceutische multinationals.
Een recentelijk gevormd kartel van de zeven grootste farmaceutische giganten onderstreept de werking van deze drie-eenheid. Tezamen zagen deze farmaceuten kans de Europese wetgeving zodanig aangepast te krijgen, dat een groot deel van de orthomoleculaire middelen en vitaminepreparaten wordt verboden. Dat is een ramp! Ik heb vandaag nog een kwade brief aan de minister geschreven. Er zijn zoveel middelen die het erg goed deden. Het argument is steeds: “Je kunt niet bewijzen dat het helpt”. Dat is logisch, want om dat te bewijzen, moet je voor elk middel minimaal een paar duizend euro betalen om het onderzoek te financieren. Kleine bedrijven hebben het geld niet daarvoor. De grote farmaceutische ondernemingen kregen wel steeds meer last van die kleine bedrijven. Steeds meer mensen kopen namelijk liever natuurlijke vitaminen-, enzym- en mineraalpreparaten, dan al die chemische middelen. Het lijkt waarschijnlijk, dat de giganten de concurrentie van de vele natuurlijke en veilige middelen die het publiek niet in de apotheek van hen koopt, weg willen hebben. Vroeger werden de individuele, uit de pas lopende artsen aangepakt. Nu gebeurt het slimmer; ze pakken ons de middelen af!’
De gevolgen van de ‘onheilige’ drie-eenheid van staat, wetenschap en commercie, ziet Moolenburgh ook in de bestrijding van aids: ‘Het is bekend dat het hiv-verhaal bepaald niet sluitend is. In Afrika werden een aantal ziekten vroeger gewoon bij de naam genoemd: tuberculose, malaria, et cetera.
Tegenwoordig noemen ze dat “indicatorziekten voor aids”. Met andere woorden: als iemand zo’n ziekte heeft, dan wordt hij op het aidslijstje bijgeschreven. Logisch dat de aids in Afrika zo’n explosieve groei doormaakt. En die ongelukkige president van Zuid-Afrika maar zeggen: “Waar zijn dan al die miljoenen doden? Ik zie ze niet!” Hij heeft nog gelijk ook. Als je je indicatie verandert wanneer het je zo uitkomt, is het hek van de dam. Maar dat gebeurt veel meer dan we weten en dat is heel erg naar, want het is corruptie van de wetenschap.’
De gangbare aidsbestrijding verloopt ook volgens de Pasteuriaanse traditie: liever een vijand buiten jezelf bestrijden dan verantwoordelijkheid nemen voor je eigen immuunsysteem. En dat is een systeem dat met de dag onder grotere druk komt te staan.
‘Ja maar dat mag u niet.’
‘Waarom niet?’
‘Ik moet u dat verbieden.’
‘Van wie moet u dat?’
Het bleek dat de inspecteur een telefoontje van het ministerie had gekregen. Moolenburgh moest worden berispt, omdat hij het vertrouwen in de medische stand zou ondermijnen. Moolenburgh was de man echter te slim af: ‘Ik heb niet als arts geschreven, maar als burger.’ Overigens hebben we het voor een groot deel aan Moolenburgh en zijn boek over het gevaar van fluor te danken, dat het toevoegen van fluor aan drinkwater in 1976 officieel werd verboden.
𝘋𝘦 𝘸𝘦𝘵𝘦𝘯𝘴𝘤𝘩𝘢𝘱 𝘬𝘦𝘯𝘵 𝘨𝘦𝘦𝘯 𝘵𝘳𝘢𝘯𝘦𝘯
Moolenburgh schreef een boek over ‘uit de pas lopende artsen’: De wetenschap kent geen tranen. ‘Ik heb een groot aantal processen gezien tegen collegae die werden aangevallen door de officiële geneeskunde, omdat zij kanker niet volgens de richtlijnen hadden behandeld. Het meest absurde voorbeeld was een arts die een kind had genezen, maar werd vervolgd omdat hij het niet met chemotherapie had gedaan. Het probleem ligt echter niet alleen bij de overheid.
Er is sprake van een onheilige drie-eenheid: staat, wetenschap, commercie. Het werkt zo: de commercie heeft een nieuw middel gemaakt en laat dat – tegen betaling van een behoorlijk bedrag – onderzoeken door een wetenschapper die liefst verbonden is aan een universiteit. Tegelijkertijd wordt een verzoek ingediend bij de staatscommissie voor de verpakte geneesmiddelen. Als de universiteit het groene licht geeft, dan laten de leden van de staatscommissie het toe op de markt. Deze procedures kosten veel geld en zijn meestal alleen haalbaar voor de farmaceutische multinationals.
Een recentelijk gevormd kartel van de zeven grootste farmaceutische giganten onderstreept de werking van deze drie-eenheid. Tezamen zagen deze farmaceuten kans de Europese wetgeving zodanig aangepast te krijgen, dat een groot deel van de orthomoleculaire middelen en vitaminepreparaten wordt verboden. Dat is een ramp! Ik heb vandaag nog een kwade brief aan de minister geschreven. Er zijn zoveel middelen die het erg goed deden. Het argument is steeds: “Je kunt niet bewijzen dat het helpt”. Dat is logisch, want om dat te bewijzen, moet je voor elk middel minimaal een paar duizend euro betalen om het onderzoek te financieren. Kleine bedrijven hebben het geld niet daarvoor. De grote farmaceutische ondernemingen kregen wel steeds meer last van die kleine bedrijven. Steeds meer mensen kopen namelijk liever natuurlijke vitaminen-, enzym- en mineraalpreparaten, dan al die chemische middelen. Het lijkt waarschijnlijk, dat de giganten de concurrentie van de vele natuurlijke en veilige middelen die het publiek niet in de apotheek van hen koopt, weg willen hebben. Vroeger werden de individuele, uit de pas lopende artsen aangepakt. Nu gebeurt het slimmer; ze pakken ons de middelen af!’
De gevolgen van de ‘onheilige’ drie-eenheid van staat, wetenschap en commercie, ziet Moolenburgh ook in de bestrijding van aids: ‘Het is bekend dat het hiv-verhaal bepaald niet sluitend is. In Afrika werden een aantal ziekten vroeger gewoon bij de naam genoemd: tuberculose, malaria, et cetera.
Tegenwoordig noemen ze dat “indicatorziekten voor aids”. Met andere woorden: als iemand zo’n ziekte heeft, dan wordt hij op het aidslijstje bijgeschreven. Logisch dat de aids in Afrika zo’n explosieve groei doormaakt. En die ongelukkige president van Zuid-Afrika maar zeggen: “Waar zijn dan al die miljoenen doden? Ik zie ze niet!” Hij heeft nog gelijk ook. Als je je indicatie verandert wanneer het je zo uitkomt, is het hek van de dam. Maar dat gebeurt veel meer dan we weten en dat is heel erg naar, want het is corruptie van de wetenschap.’
De gangbare aidsbestrijding verloopt ook volgens de Pasteuriaanse traditie: liever een vijand buiten jezelf bestrijden dan verantwoordelijkheid nemen voor je eigen immuunsysteem. En dat is een systeem dat met de dag onder grotere druk komt te staan.
👍1
Het chronisch vermoeidheidssyndroom (ME) – volgens Moolenburgh een iets minder kwaadaardig nichtje van aids – is daar een duidelijk voorbeeld van. ‘Het is een verschrikkelijke immuniteitsziekte. Ik zie kinderen vanaf twaalf jaar, die in hun stoel hangen en niets meer kunnen. Het immuunsysteem doet het gewoon niet meer. Ze hebben bijna allemaal de ziekte van Pfeiffer doorgemaakt, bijna allemaal ook andere virusziekten – herpes en dergelijke – en hebben gewrichtsklachten. Vrijwel alles wat je bij die kinderen bekijkt, is negatief. Ik stuur hun bloed op naar een laboratorium in Nieuw-Zeeland. Wat je steeds ziet, is dat de rode bloedlichaampjes star zijn en niet meer door de capillairen kunnen. De patiënten gedragen zich alsof ze een enorm zware bloedarmoede hebben.
Het heeft ook alles met het milieu te maken. We hebben zeventigduizend nieuwe chemische stoffen in ons milieu losgelaten waarvan we nog lang niet allemaal weten welke invloed ze op ons hebben.’
Wat we wél weten, is dat een groot aantal ziekten de laatste tachtig jaar enorm zijn toegenomen.
Moolenburgh beent energiek naar zijn uitgebreide boekenkast en vindt een aantekenblok met de laatste cijfers: ‘De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft berekend, dat hart- en vaatziekten thans veertien maal meer voorkomen dan in 1920, reumatische ziekten zeventien maal, kanker twintig maal, vetzucht vijfendertig maal en allergieën zeventig maal. Dan roepen mensen: “Ja maar we worden ouder. Vroeger werd de mens gemiddeld niet ouder dan vijfenveertig, nu gemiddeld tachtig. Logisch dat we meer kanker krijgen”. Maar dat is een verkeerde statistiek.
𝘞𝘢𝘢𝘳𝘥𝘰𝘰𝘳 𝘪𝘴 𝘥𝘦 𝘣𝘦𝘷𝘰𝘭𝘬𝘪𝘯𝘨 𝘰𝘶𝘥𝘦𝘳 𝘨𝘦𝘸𝘰𝘳𝘥𝘦𝘯?
Doordat de kindersterfte is verdwenen. Vroeger gingen al die kinderen dood aan longontsteking, dus dat drukte de statistiek enorm. Als je tegenwoordig twintig bent, heb je dezelfde kans om tachtig te worden als de mens van honderd jaar geleden. Alleen vroeger werden veel minder mensen twintig.’
Toen Moolenburgh in 1952 met zijn huisartsenpraktijk begon, was een vrouw met borstkanker eigenlijk altijd ouder dan vijftig. Bovendien waren het er niet zoveel. Thans krijgt een op de acht vrouwen in Nederland borstkanker. ‘Ik zie ze vanaf achter in de twintig jaar. En daarom geloof ik, dat wij onze medische instelling een beetje moeten veranderen. Kanker bestrijden, doe je het best preventief. In schone lichamen krijgen tumoren niet zoveel kans. Die tumoren groeien niet voor niets.’
Ik zou nog uren naar hem willen luisteren. Het is duidelijk dat deze man niet alleen kan putten uit een rijk leven, maar zich bovendien bezighoudt met zaken die ons allemaal aangaan. Zaken van leven en dood. Hij kan ook goed vertellen, gebruikt daarvoor zijn handen, wenkbrauwen en hele lijf.
Hans Moolenburgh is een man met een missie: ‘Op mijn zesde wist ik dat ik arts wilde worden. De zin van mijn leven is dat ik mensen mag helpen genezen. Ik doe dat door de omstandigheden zo te maken, dat hun eigen genezing op gang komt. En dat vind ik schitterend!’
Op zijn zevenenzeventigste is dat vuur nog lang niet gedoofd. En in al die jaren leerde Hans Moolenburgh ook over de soms ongrijpbare, maar altijd aanwezige verbanden tussen geestelijke beleving en fysieke gesteldheid. Het is kenmerkend voor de brede visie van deze arts, dat hij dat kwetsbare thema niet uit de weg gaat.
Moolenburgh: ‘Jaren geleden kwam er een vrouw bij me met borstkanker, uitgezaaid in de longen. Ik behandelde haar. Ze bleef negen jaar goed. Toen kreeg ze een opvlammer, omdat ze door omstandigheden erg moe was geworden. Ik heb haar toen weer wat strenger behandeld en vervolgens ging het weer zes jaar goed. Toen kreeg ze een gigantisch ongeluk. Haar hele been lag in stukken. Ik dacht: “Nu gaat het mis, dit is een te grote aanslag op het immuunsysteem.” Ze werd vijf keer geopereerd, maar er gebeurde niks, de kanker kwam niet terug. Anderhalf jaar later brak de kanker plotseling weer uit. Ik zei: “Mevrouw ik snap niets van u, wat is er gebeurd?” Ze zei: “Het is niet aardig om te zeggen, maar mijn man is met pensioen”.
Het heeft ook alles met het milieu te maken. We hebben zeventigduizend nieuwe chemische stoffen in ons milieu losgelaten waarvan we nog lang niet allemaal weten welke invloed ze op ons hebben.’
Wat we wél weten, is dat een groot aantal ziekten de laatste tachtig jaar enorm zijn toegenomen.
Moolenburgh beent energiek naar zijn uitgebreide boekenkast en vindt een aantekenblok met de laatste cijfers: ‘De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft berekend, dat hart- en vaatziekten thans veertien maal meer voorkomen dan in 1920, reumatische ziekten zeventien maal, kanker twintig maal, vetzucht vijfendertig maal en allergieën zeventig maal. Dan roepen mensen: “Ja maar we worden ouder. Vroeger werd de mens gemiddeld niet ouder dan vijfenveertig, nu gemiddeld tachtig. Logisch dat we meer kanker krijgen”. Maar dat is een verkeerde statistiek.
𝘞𝘢𝘢𝘳𝘥𝘰𝘰𝘳 𝘪𝘴 𝘥𝘦 𝘣𝘦𝘷𝘰𝘭𝘬𝘪𝘯𝘨 𝘰𝘶𝘥𝘦𝘳 𝘨𝘦𝘸𝘰𝘳𝘥𝘦𝘯?
Doordat de kindersterfte is verdwenen. Vroeger gingen al die kinderen dood aan longontsteking, dus dat drukte de statistiek enorm. Als je tegenwoordig twintig bent, heb je dezelfde kans om tachtig te worden als de mens van honderd jaar geleden. Alleen vroeger werden veel minder mensen twintig.’
Toen Moolenburgh in 1952 met zijn huisartsenpraktijk begon, was een vrouw met borstkanker eigenlijk altijd ouder dan vijftig. Bovendien waren het er niet zoveel. Thans krijgt een op de acht vrouwen in Nederland borstkanker. ‘Ik zie ze vanaf achter in de twintig jaar. En daarom geloof ik, dat wij onze medische instelling een beetje moeten veranderen. Kanker bestrijden, doe je het best preventief. In schone lichamen krijgen tumoren niet zoveel kans. Die tumoren groeien niet voor niets.’
Ik zou nog uren naar hem willen luisteren. Het is duidelijk dat deze man niet alleen kan putten uit een rijk leven, maar zich bovendien bezighoudt met zaken die ons allemaal aangaan. Zaken van leven en dood. Hij kan ook goed vertellen, gebruikt daarvoor zijn handen, wenkbrauwen en hele lijf.
Hans Moolenburgh is een man met een missie: ‘Op mijn zesde wist ik dat ik arts wilde worden. De zin van mijn leven is dat ik mensen mag helpen genezen. Ik doe dat door de omstandigheden zo te maken, dat hun eigen genezing op gang komt. En dat vind ik schitterend!’
Op zijn zevenenzeventigste is dat vuur nog lang niet gedoofd. En in al die jaren leerde Hans Moolenburgh ook over de soms ongrijpbare, maar altijd aanwezige verbanden tussen geestelijke beleving en fysieke gesteldheid. Het is kenmerkend voor de brede visie van deze arts, dat hij dat kwetsbare thema niet uit de weg gaat.
Moolenburgh: ‘Jaren geleden kwam er een vrouw bij me met borstkanker, uitgezaaid in de longen. Ik behandelde haar. Ze bleef negen jaar goed. Toen kreeg ze een opvlammer, omdat ze door omstandigheden erg moe was geworden. Ik heb haar toen weer wat strenger behandeld en vervolgens ging het weer zes jaar goed. Toen kreeg ze een gigantisch ongeluk. Haar hele been lag in stukken. Ik dacht: “Nu gaat het mis, dit is een te grote aanslag op het immuunsysteem.” Ze werd vijf keer geopereerd, maar er gebeurde niks, de kanker kwam niet terug. Anderhalf jaar later brak de kanker plotseling weer uit. Ik zei: “Mevrouw ik snap niets van u, wat is er gebeurd?” Ze zei: “Het is niet aardig om te zeggen, maar mijn man is met pensioen”.
Die vrouw werd stapelgek, ze had geen ruimte meer. Op dat moment werd de kanker, die latent was, weer actief. Ik heb haar aanbevolen een kamer voor zichzelf vrij te maken en iedere dag twee uur alleen op die kamer te zijn. Ze heeft nog jaren geleefd.
Als je mensen emotioneel niet goed begeleidt en je er niet achter komt wat er aan de hand is, dan helpen je leuke alternatieve kankermiddelen ook niet.’
Moolenburgh hamert er overigens op dat zulke emotionele factoren niet bij alle kankerpatiënten rol spelen. Hij bespeurt in het algemeen wel een toenemend gebrek aan zingeving dat een negatief effect op de gezondheid van steeds meer mensen heeft. Een doel om voor te leven, stimuleert genezing van een patiënt op frappante wijze, ontdekte Moolenburgh herhaaldelijk.
Zo kwam er eens een vrouw hinkend zijn praktijk binnen. De foto liet een vuistgroot kankergezwel in het bot van haar bekken zien, uitzaaiing van een borstkanker die ze enige jaren tevoren had doorstaan. De toen nog jonge arts raadde haar ogenblikkelijke bestraling aan. Ze weigerde. Ze was lerares Frans, het was april en ze moest haar klas klaar maken voor het eindexamen. Ze had, kortom, geen tijd en zou wel een aspirientje nemen als de pijn te erg werd. Moolenburgh wist zich geen raad. Moest hij haar bellen en dwingen zich te laten behandelen?
Een half jaar later belde ze zelf. Ze had een zware verkoudheid, die maar niet overging. Ze repte echter met geen woord over de heup. Moolenburgh: ‘Maar hoe is het met uw heup?’ De vrouw: ‘Oh, dat is over’. Moolenburgh stond erop een foto te laten maken. En inderdaad: er was niets meer te zien. De reactie van de vrouw: ‘Ik zei toch dat ik er geen tijd voor had!’
Moolenburgh: ‘"Het is een van de grote narigheden van deze tijd, dat een heleboel mensen er maar een beetje op los leven en niet meer het gevoel hebben dat het leven zin heeft of dat er een bedoeling achter zit. Ik heb het er nog niet eens over of er een God is of niet, maar gewoon een gevoel van: het is fijn dat ik er ben, ik ben goed bezig, ik begrijp dat ik er ben, ik heb een taak in het leven.
Ik zie veel jongelui die wanhopig zijn en zeggen: “Is dit nu alles?” Als je geen zinvol leven hebt, dan staat je wil om te leven op een laag niveau en die is uitermate belangrijk voor het afweren van ziekten. Het zinverlies in deze tijd is een volkskwaal.
Weer in verbinding komen met jezelf, met je eigen zelfgenezend vermogen, naar de kern van je klacht, helen door te werken vanuit het onderbewustzijn."
Dr Moolenburgh is in 2018 overleden. Hij heeft voor mij persoonlijk een grote rol gespeeld op vele vlakken waaronder bewustzijn omtrent vaccinaties & fluoride.
Als je mensen emotioneel niet goed begeleidt en je er niet achter komt wat er aan de hand is, dan helpen je leuke alternatieve kankermiddelen ook niet.’
Moolenburgh hamert er overigens op dat zulke emotionele factoren niet bij alle kankerpatiënten rol spelen. Hij bespeurt in het algemeen wel een toenemend gebrek aan zingeving dat een negatief effect op de gezondheid van steeds meer mensen heeft. Een doel om voor te leven, stimuleert genezing van een patiënt op frappante wijze, ontdekte Moolenburgh herhaaldelijk.
Zo kwam er eens een vrouw hinkend zijn praktijk binnen. De foto liet een vuistgroot kankergezwel in het bot van haar bekken zien, uitzaaiing van een borstkanker die ze enige jaren tevoren had doorstaan. De toen nog jonge arts raadde haar ogenblikkelijke bestraling aan. Ze weigerde. Ze was lerares Frans, het was april en ze moest haar klas klaar maken voor het eindexamen. Ze had, kortom, geen tijd en zou wel een aspirientje nemen als de pijn te erg werd. Moolenburgh wist zich geen raad. Moest hij haar bellen en dwingen zich te laten behandelen?
Een half jaar later belde ze zelf. Ze had een zware verkoudheid, die maar niet overging. Ze repte echter met geen woord over de heup. Moolenburgh: ‘Maar hoe is het met uw heup?’ De vrouw: ‘Oh, dat is over’. Moolenburgh stond erop een foto te laten maken. En inderdaad: er was niets meer te zien. De reactie van de vrouw: ‘Ik zei toch dat ik er geen tijd voor had!’
Moolenburgh: ‘"Het is een van de grote narigheden van deze tijd, dat een heleboel mensen er maar een beetje op los leven en niet meer het gevoel hebben dat het leven zin heeft of dat er een bedoeling achter zit. Ik heb het er nog niet eens over of er een God is of niet, maar gewoon een gevoel van: het is fijn dat ik er ben, ik ben goed bezig, ik begrijp dat ik er ben, ik heb een taak in het leven.
Ik zie veel jongelui die wanhopig zijn en zeggen: “Is dit nu alles?” Als je geen zinvol leven hebt, dan staat je wil om te leven op een laag niveau en die is uitermate belangrijk voor het afweren van ziekten. Het zinverlies in deze tijd is een volkskwaal.
Weer in verbinding komen met jezelf, met je eigen zelfgenezend vermogen, naar de kern van je klacht, helen door te werken vanuit het onderbewustzijn."
Dr Moolenburgh is in 2018 overleden. Hij heeft voor mij persoonlijk een grote rol gespeeld op vele vlakken waaronder bewustzijn omtrent vaccinaties & fluoride.
❤26👍1
Forwarded from Pim Smit (Pim Smit)
This media is not supported in your browser
VIEW IN TELEGRAM
Ik merk echt helemaal niets van de volle maan van vandaag hoor. Maar ik kruip af en toe wel weg onder een dekentje
😉😁
Lieve mensen, heb een mooie dag. En neem de ruimte die je misschien nodig hebt 💚
😉😁
Lieve mensen, heb een mooie dag. En neem de ruimte die je misschien nodig hebt 💚
❤8
Europese geneesmiddelenautoriteit EMA negeert miljoenen meldingen van bijwerkingen
https://deanderekrant.nl/nieuws/europese-geneesmiddelenautoriteit-ema-negeert-miljoenen-meldingen-van-bijwerkingen-2023-07-03
https://deanderekrant.nl/nieuws/europese-geneesmiddelenautoriteit-ema-negeert-miljoenen-meldingen-van-bijwerkingen-2023-07-03
😢1
03-07 Vandaag is het de verjaardag van Julian Assange.
De brief van zijn moeder, toen hij 50 jaar werd :
“Toen ik vijftig jaar geleden als jonge moeder voor het eerst beviel, dacht ik dat er geen grotere pijn bestond. Maar deze werd snel vergeten,toen ik mijn mooie jongen in mijn armen hield. Ik noemde hem Julian.
Nu weet ik dat ik fout zat. Er is een grotere pijn.
De oneindige pijn, om de moeder te zijn van een bekroonde journalist, die de moed had, om de waarheid over de misdaden en corruptie op de hoogste regeringsniveaus bekend te maken.
De pijn om te zien hoe mijn zoon, die belangrijke waarheden probeerde te publiceren, onophoudelijk over de hele wereld werd belasterd.
De pijn om te zien hoe mijn zoon, die zijn leven op het spel zette om onrecht aan de kaak te stellen, keer op keer werd gearresteerd en geen eerlijk proces kreeg.
De pijn van het langzaam zien wegkwijnen van mijn gezonde kind omdat hem in detentie jarenlang geen adequate gezondheid en medische zorg word geboden.
De pijn die ik doorstond toen ik zag hoe mijn jongen wreed psychologisch werd gemarteld, om zijn grote wil te breken.
De constante nachtmerrie van uitlevering aan de VS en levend begraven in extreme eenzame opsluiting voor de rest van zijn leven.
De constante angst dat de CIA doorgaat met hun plannen om hem te vermoorden.
De aanraking van verdriet toen ik zag hoe zijn tengere, uitgeputte lichaam zakte na een mini-beroerte tijdens de laatste chronische stresshoorzitting.
Veel mensen raken ook getraumatiseerd, als ze zien dat een wraakzuchtige supermacht zijn onbeperkte middelen gebruikt om één enkel weerloos mens te pesten en te vernietigen.
Ik wil alle medelevende, fatsoenlijke burgers over de hele wereld bedanken, die protesteren tegen de meedogenloze politieke vervolging van Julian.
Blijf alsjeblieft je stem verheffen tot je politici, totdat ze het niet meer kunnen horen.
Zijn leven ligt in jouw handen.
Christina Assange
De brief van zijn moeder, toen hij 50 jaar werd :
“Toen ik vijftig jaar geleden als jonge moeder voor het eerst beviel, dacht ik dat er geen grotere pijn bestond. Maar deze werd snel vergeten,toen ik mijn mooie jongen in mijn armen hield. Ik noemde hem Julian.
Nu weet ik dat ik fout zat. Er is een grotere pijn.
De oneindige pijn, om de moeder te zijn van een bekroonde journalist, die de moed had, om de waarheid over de misdaden en corruptie op de hoogste regeringsniveaus bekend te maken.
De pijn om te zien hoe mijn zoon, die belangrijke waarheden probeerde te publiceren, onophoudelijk over de hele wereld werd belasterd.
De pijn om te zien hoe mijn zoon, die zijn leven op het spel zette om onrecht aan de kaak te stellen, keer op keer werd gearresteerd en geen eerlijk proces kreeg.
De pijn van het langzaam zien wegkwijnen van mijn gezonde kind omdat hem in detentie jarenlang geen adequate gezondheid en medische zorg word geboden.
De pijn die ik doorstond toen ik zag hoe mijn jongen wreed psychologisch werd gemarteld, om zijn grote wil te breken.
De constante nachtmerrie van uitlevering aan de VS en levend begraven in extreme eenzame opsluiting voor de rest van zijn leven.
De constante angst dat de CIA doorgaat met hun plannen om hem te vermoorden.
De aanraking van verdriet toen ik zag hoe zijn tengere, uitgeputte lichaam zakte na een mini-beroerte tijdens de laatste chronische stresshoorzitting.
Veel mensen raken ook getraumatiseerd, als ze zien dat een wraakzuchtige supermacht zijn onbeperkte middelen gebruikt om één enkel weerloos mens te pesten en te vernietigen.
Ik wil alle medelevende, fatsoenlijke burgers over de hele wereld bedanken, die protesteren tegen de meedogenloze politieke vervolging van Julian.
Blijf alsjeblieft je stem verheffen tot je politici, totdat ze het niet meer kunnen horen.
Zijn leven ligt in jouw handen.
Christina Assange
❤20👍1
This media is not supported in your browser
VIEW IN TELEGRAM
Bij elke stap die ik zet, word ik me meer bewust van het feit dat veel begint bij kinderen, bij opvoeding en onderwijs en realiseer ik me nog meer dat dit Chinese spreekwoord dat ik 20 jaar geleden las, zo waar is:
“Als je een jaar vooruit denkt, plant dan zaadjes. Als je 10 jaar vooruit denkt, plant dan een boom. Als je 100 jaar vooruit denkt, leidt mensen dan op. Door één keer te zaaien, oogst je één keer. Door een boom te planten, oogst je tien keer zoveel. Door de geest van mensen te openen, oogst je honderdvoudig.”
#sowseed #planttrees #educatepeople #shapingourfuture
“Als je een jaar vooruit denkt, plant dan zaadjes. Als je 10 jaar vooruit denkt, plant dan een boom. Als je 100 jaar vooruit denkt, leidt mensen dan op. Door één keer te zaaien, oogst je één keer. Door een boom te planten, oogst je tien keer zoveel. Door de geest van mensen te openen, oogst je honderdvoudig.”
#sowseed #planttrees #educatepeople #shapingourfuture
❤10💯2
This media is not supported in your browser
VIEW IN TELEGRAM
Je kijkt naar een gesprek van Zach Bush MD met Jay Shetty
Heb je ooit nagedacht over het verband tussen mens zijn, en hoe we omgaan met de natuurlijke wereld om ons heen?
Wat als het ons doel niet alleen is om als individuen te bestaan, maar ook om onze rol als onderdeel van een groter ecosysteem te omarmen?
Luister naar deze aflevering van ‘On Purpose’ met jayshettypodcast, ga naar
👉🏽https://zachbushmd.com/podcast-jay-shetty/
#thrive #belonging #shapingourfuture
Heb je ooit nagedacht over het verband tussen mens zijn, en hoe we omgaan met de natuurlijke wereld om ons heen?
Wat als het ons doel niet alleen is om als individuen te bestaan, maar ook om onze rol als onderdeel van een groter ecosysteem te omarmen?
Luister naar deze aflevering van ‘On Purpose’ met jayshettypodcast, ga naar
👉🏽https://zachbushmd.com/podcast-jay-shetty/
#thrive #belonging #shapingourfuture
❤5
Ik heb mijn vader heel vaak uitgelachen vroeger omdat hij de Telegraaf las. Zelf las ik de Trouw destijds. Inmiddels kijk ik daar een beetje anders naar. Zo zie je maar weer; stay humble and open to anything 😊
https://archive.is/2023.07.05-014405/https://www.telegraaf.nl/watuzegt/1937898062/de-priesters-van-de-god-van-het-klimaat-bepalen-wat-de-westerse-mens-wel-en-niet-mag
#weknowsomuchthatisntso
https://archive.is/2023.07.05-014405/https://www.telegraaf.nl/watuzegt/1937898062/de-priesters-van-de-god-van-het-klimaat-bepalen-wat-de-westerse-mens-wel-en-niet-mag
#weknowsomuchthatisntso
❤4🥰2