“Misschien is dit nog wel de belangrijkste les: dat je beslissingen moet nemen op basis van beperkte gegevens en op basis van gezond verstand.
Maar laten we het - in Godsnaam - niet zover laten komen dat politici, overheid, virologen, beleidsmakers, journalisten, consultants, IT-specialisten, leunstoelethici, koeienvlaaifilosofen, topzolderkamerwetenschappers, ANWB-medewerkers en pathologische leugenaars voor iedereen denken te kunnen beslissen wat gezond verstand is, en wat wijsheid is. Eigenschappen waarover ze zelf maar al te vaak niet blijken te beschikken.
Want als we iets hebben kunnen leren in de afgelopen jaren, is dat dát tot grote rampen leidt.”
https://twitter.com/john_bumblebee/status/1674875513385394176?s=46&t=6sUzR5zmJnIXmWdTexQbKA
Maar laten we het - in Godsnaam - niet zover laten komen dat politici, overheid, virologen, beleidsmakers, journalisten, consultants, IT-specialisten, leunstoelethici, koeienvlaaifilosofen, topzolderkamerwetenschappers, ANWB-medewerkers en pathologische leugenaars voor iedereen denken te kunnen beslissen wat gezond verstand is, en wat wijsheid is. Eigenschappen waarover ze zelf maar al te vaak niet blijken te beschikken.
Want als we iets hebben kunnen leren in de afgelopen jaren, is dat dát tot grote rampen leidt.”
https://twitter.com/john_bumblebee/status/1674875513385394176?s=46&t=6sUzR5zmJnIXmWdTexQbKA
🔥3
“Je moet niet letten op wat mensen zeggen. Je moet letten op wat mensen doen. Dan pas weet je hoe de vlag erbij hangt. Daarom is de vaccinatiegraad een van de meer betrouwbare thermometers in de bips van de samenleving.”
https://www.nrc.nl/nieuws/2023/07/01/lagere-vaccinatiegraad-autoriteiten-organiseerden-zelf-het-wantrouwen-a4168684
https://www.nrc.nl/nieuws/2023/07/01/lagere-vaccinatiegraad-autoriteiten-organiseerden-zelf-het-wantrouwen-a4168684
👍6
Media is too big
VIEW IN TELEGRAM
Mensen vragen me wel eens wat mij drijft.
Future generations is een grote drijfveer, en liefde voor de natuur idem. Bovendien handel ik uit respect naar ouders en voorouders. Much of what they built is being destroyed now. Ik kan het wel verteren, afbraak en opbouw gaan immers hand in hand, maar ik wil doen wat ik kan to not waste it. Het beton voor windmolens haal je immers niet zomaar uit de zee, het mrna niet uit je systeem en als een eeuwenoude boerderij een woonwijk wordt dan is dat ook niet zomaar terug te draaien.
Als we verandering willen, waarom dan niet gaan voor goud? Waarom matige en zelfs schadende oplossingen accepteren met veel collateral damage?
Rock bottom could be now. Bodem van de put bereikt? Of gaan we nog wat dieper zinken?
Sometimes it has to get worse before it gets better.
Je kijkt en luistert hier naar Sven Hulleman. I could not have said it better myself. 🙏🏻
#buckleup #bumpyride #houjevast #laatlos #havealittlefaith #ifthewhyisbigenoughthehowtakescareofitself
Future generations is een grote drijfveer, en liefde voor de natuur idem. Bovendien handel ik uit respect naar ouders en voorouders. Much of what they built is being destroyed now. Ik kan het wel verteren, afbraak en opbouw gaan immers hand in hand, maar ik wil doen wat ik kan to not waste it. Het beton voor windmolens haal je immers niet zomaar uit de zee, het mrna niet uit je systeem en als een eeuwenoude boerderij een woonwijk wordt dan is dat ook niet zomaar terug te draaien.
Als we verandering willen, waarom dan niet gaan voor goud? Waarom matige en zelfs schadende oplossingen accepteren met veel collateral damage?
Rock bottom could be now. Bodem van de put bereikt? Of gaan we nog wat dieper zinken?
Sometimes it has to get worse before it gets better.
Je kijkt en luistert hier naar Sven Hulleman. I could not have said it better myself. 🙏🏻
#buckleup #bumpyride #houjevast #laatlos #havealittlefaith #ifthewhyisbigenoughthehowtakescareofitself
❤5👍1🙏1
https://maatschapwij.nu/blogs/kairos-en-chronos/
en deze van Paul Smit sluit mooi aan:
https://m.facebook.com/story.php?story_fbid=pfbid0361EonRPaCK6JUqGmKwyDCERyaqxTBGbJYzYXsxKDk7o2iPCu9jdEaFAWY4BR9zd8l&id=100063773677581
Phone leg ik weg hier, mooie zondag! 😊
en deze van Paul Smit sluit mooi aan:
https://m.facebook.com/story.php?story_fbid=pfbid0361EonRPaCK6JUqGmKwyDCERyaqxTBGbJYzYXsxKDk7o2iPCu9jdEaFAWY4BR9zd8l&id=100063773677581
Phone leg ik weg hier, mooie zondag! 😊
🙏1
This media is not supported in your browser
VIEW IN TELEGRAM
Kies je een oncomfortabele comfort-zone, of riskeer je ongemak om een onbekende comfortabelere comfort-zone te bereiken?
Een paar vragen ter overweging:
🔅 Wat tolereer of accepteer je momenteel in je leven, wat je niet dient?
🔅 Waar in je leven ben je geremd en speel of spreek je niet voluit?
🔅 Als alles mogelijk was, wat zouden dan de eerste drie dingen zijn die je zou doen en waarom?
Denk hierbij aan alle gebieden van je leven, dus sociaal/maatschappelijk, werk, relaties etc
Ik heb dusver talloze moeilijke keuzes moeten maken. Voor sommige keuzes, zoals naar Nieuw Zeeland verhuizen, moest ik echt in het diepe springen en alles los laten. Het is elk bang of onzeker moment dubbel en dwars waard geweest.
#loslaten #heerlijkeerlijk #newbeginnings #tothyselfbetrue #echokamersvanjejeugd #vannietskomtiets #shapingourfuture
Een paar vragen ter overweging:
🔅 Wat tolereer of accepteer je momenteel in je leven, wat je niet dient?
🔅 Waar in je leven ben je geremd en speel of spreek je niet voluit?
🔅 Als alles mogelijk was, wat zouden dan de eerste drie dingen zijn die je zou doen en waarom?
Denk hierbij aan alle gebieden van je leven, dus sociaal/maatschappelijk, werk, relaties etc
Ik heb dusver talloze moeilijke keuzes moeten maken. Voor sommige keuzes, zoals naar Nieuw Zeeland verhuizen, moest ik echt in het diepe springen en alles los laten. Het is elk bang of onzeker moment dubbel en dwars waard geweest.
#loslaten #heerlijkeerlijk #newbeginnings #tothyselfbetrue #echokamersvanjejeugd #vannietskomtiets #shapingourfuture
𝐆𝐄𝐍𝐄𝐙𝐄𝐍 𝐈𝐒 𝐈𝐄𝐓𝐒 𝐀𝐍𝐃𝐄𝐑𝐒 𝐃𝐀𝐍 𝐙𝐈𝐄𝐊𝐓𝐄 𝐖𝐄𝐆𝐃𝐑𝐔𝐊𝐊𝐄𝐍...
Mooi artikel van Dokter Hans Moolenburgh
‘𝘞𝘪𝘫 𝘣𝘦𝘩𝘢𝘯𝘥𝘦𝘭𝘦𝘯 𝘮𝘦𝘯𝘴𝘦𝘯 𝘢𝘭𝘴𝘰𝘧 𝘩𝘦𝘵 𝘦𝘦𝘯 𝘷𝘦𝘦𝘴𝘵𝘢𝘱𝘦𝘭 𝘣𝘦𝘵𝘳𝘦𝘧𝘵.’
Hans Moolenburgh woont al sinds 1952 in hetzelfde huis. Onlangs kreeg het huis een prijs: voor de mooiste gevel van de stad Haarlem. Een andere prijs voor dezelfde locatie, die ook onderdak biedt aan de praktijk van Moolenburgh was niet minder verdiend geweest: voor de toewijding en het succes waarmee op die plaats al vijftig jaar mensen worden geholpen om ziekten te overwinnen en gezond te blijven.
De reden voor het succes van Moolenburgh ligt ongetwijfeld in zijn vermogen om alle gebieden van het leven – het fysieke, geestelijke en emotionele – met elkaar te verbinden. Zijn eigen leven is daarvan een voorbeeld. Hij is bloedserieus en bevlogen, maar barst net zo makkelijk uit in aanstekelijke lachsalvo’s. Hij is vriendelijk en invoelend, maar ook bereid om vertegenwoordigers van onzinnige vitaminepreparaten op de pijnbank te leggen. Het is duidelijk, dat hij is gewend om in het openbaar te spreken. Hij formuleert helder en weet complexe onderwerpen van ziekte en gezondheid begrijpelijk te maken.
Om te begrijpen vanuit welk perspectief Hans Moolenburgh denkt en werkt, gaan we eerst terug in de tijd. Moolenburgh: ‘De grondlegger van de hedendaagse geneeskunde is Louis Pasteur.
Zijn redenering was als volgt:
je hebt een bacterie; die veroorzaakt een ziekte; we moeten iets tegen die bacterie doen. Dat is – in een notendop – de visie van de moderne geneeskunde.
Daarom hebben wij zo gigantisch veel ziekten en komen er steeds meer bij. Het is nauwelijks bij te houden.
Drie van mijn zonen zijn arts.
Soms noemen ze ziekten waarvan ik denk: waar heb je het over?
Voor elke ziekte hebben wij een naam bedacht – meestal die van de ontdekker – en we proberen voor elke ziekte een afzonderlijk geneesmiddel te vinden. Hierdoor ontstaat een soort tunnelvisie. Je ziet alleen de ziekte en het specifieke geneesmiddel.
Alles wat daarbuiten valt, is niet relevant.
𝐓𝐞𝐫𝐫𝐞𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧𝐞𝐞𝐬𝐤𝐮𝐧𝐝𝐞
Pasteur had een tijdgenoot met een heel andere visie, Claude Bernard. Bernard is de grondlegger van wat je de 'terreingeneeskunde' zou kunnen noemen.
Hij geloofde wel dat bacteriën ziekten veroorzaken, maar alleen als het 'terrein' daarvoor gunstig is.
Net als in een tuin: als er veel kalk in de bodem zit, groeien er madeliefjes. In vochtige hoeken groeit een vlier of een wilg.
De omstandigheden bepalen de aanwezigheid van organismen, die in die omstandigheden nuttig werk kunnen doen.
Zo kun je bacteriën zien als een soort vuilnismannen, die een vervuild terrein opruimen.
Neem een longontsteking.
Volgens de moderne geneeskunde komt dat door een pneumokok.
De terreingeneeskunde zegt daarentegen: er was sprake van een verstoring van de werking van de longen en pneumokok is alleen maar een vuilnisman die dat probleem komt bestrijden.
Een mesthoop brengt nu eenmaal ratten met zich mee. De terreingeneeskunde legt de nadruk op het schoonmaken van de persoon in kwestie.
Wanneer je – zoals de moderne geneeskunde – slechts de bacterie doodt, zie je de longontsteking – of een andere aandoening – vaak binnen de kortste keren terugkeren.
Met één belangrijk verschil: de pneumokok is nu bestand tegen het gebruikte antibioticum.
Wat we in feite doen, is een ziekte wegdrukken, waardoor er weer een nieuwe tevoorschijn komt, die we vervolgens ook weer wegdrukken. Artsen worden dus opgeleid in wat ik de medische verschuifkunde noem.
Je kunt dat op het ogenblik mooi zien aan het inentingenbeleid.
Er is altijd een bepaalde hoeveelheid mensen per jaar die hersenvliesontsteking (meningitis) krijgt. Die ernstige ziekte wordt onder meer veroorzaakt door de bacteriën hemofilus influenca en door meningokokken A, B en C. Meningokok C was altijd de kleinste groep, totdat alle kinderen een aantal jaar geleden werden ingeënt tegen de hemofilus influenza.
Mooi artikel van Dokter Hans Moolenburgh
‘𝘞𝘪𝘫 𝘣𝘦𝘩𝘢𝘯𝘥𝘦𝘭𝘦𝘯 𝘮𝘦𝘯𝘴𝘦𝘯 𝘢𝘭𝘴𝘰𝘧 𝘩𝘦𝘵 𝘦𝘦𝘯 𝘷𝘦𝘦𝘴𝘵𝘢𝘱𝘦𝘭 𝘣𝘦𝘵𝘳𝘦𝘧𝘵.’
Hans Moolenburgh woont al sinds 1952 in hetzelfde huis. Onlangs kreeg het huis een prijs: voor de mooiste gevel van de stad Haarlem. Een andere prijs voor dezelfde locatie, die ook onderdak biedt aan de praktijk van Moolenburgh was niet minder verdiend geweest: voor de toewijding en het succes waarmee op die plaats al vijftig jaar mensen worden geholpen om ziekten te overwinnen en gezond te blijven.
De reden voor het succes van Moolenburgh ligt ongetwijfeld in zijn vermogen om alle gebieden van het leven – het fysieke, geestelijke en emotionele – met elkaar te verbinden. Zijn eigen leven is daarvan een voorbeeld. Hij is bloedserieus en bevlogen, maar barst net zo makkelijk uit in aanstekelijke lachsalvo’s. Hij is vriendelijk en invoelend, maar ook bereid om vertegenwoordigers van onzinnige vitaminepreparaten op de pijnbank te leggen. Het is duidelijk, dat hij is gewend om in het openbaar te spreken. Hij formuleert helder en weet complexe onderwerpen van ziekte en gezondheid begrijpelijk te maken.
Om te begrijpen vanuit welk perspectief Hans Moolenburgh denkt en werkt, gaan we eerst terug in de tijd. Moolenburgh: ‘De grondlegger van de hedendaagse geneeskunde is Louis Pasteur.
Zijn redenering was als volgt:
je hebt een bacterie; die veroorzaakt een ziekte; we moeten iets tegen die bacterie doen. Dat is – in een notendop – de visie van de moderne geneeskunde.
Daarom hebben wij zo gigantisch veel ziekten en komen er steeds meer bij. Het is nauwelijks bij te houden.
Drie van mijn zonen zijn arts.
Soms noemen ze ziekten waarvan ik denk: waar heb je het over?
Voor elke ziekte hebben wij een naam bedacht – meestal die van de ontdekker – en we proberen voor elke ziekte een afzonderlijk geneesmiddel te vinden. Hierdoor ontstaat een soort tunnelvisie. Je ziet alleen de ziekte en het specifieke geneesmiddel.
Alles wat daarbuiten valt, is niet relevant.
𝐓𝐞𝐫𝐫𝐞𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧𝐞𝐞𝐬𝐤𝐮𝐧𝐝𝐞
Pasteur had een tijdgenoot met een heel andere visie, Claude Bernard. Bernard is de grondlegger van wat je de 'terreingeneeskunde' zou kunnen noemen.
Hij geloofde wel dat bacteriën ziekten veroorzaken, maar alleen als het 'terrein' daarvoor gunstig is.
Net als in een tuin: als er veel kalk in de bodem zit, groeien er madeliefjes. In vochtige hoeken groeit een vlier of een wilg.
De omstandigheden bepalen de aanwezigheid van organismen, die in die omstandigheden nuttig werk kunnen doen.
Zo kun je bacteriën zien als een soort vuilnismannen, die een vervuild terrein opruimen.
Neem een longontsteking.
Volgens de moderne geneeskunde komt dat door een pneumokok.
De terreingeneeskunde zegt daarentegen: er was sprake van een verstoring van de werking van de longen en pneumokok is alleen maar een vuilnisman die dat probleem komt bestrijden.
Een mesthoop brengt nu eenmaal ratten met zich mee. De terreingeneeskunde legt de nadruk op het schoonmaken van de persoon in kwestie.
Wanneer je – zoals de moderne geneeskunde – slechts de bacterie doodt, zie je de longontsteking – of een andere aandoening – vaak binnen de kortste keren terugkeren.
Met één belangrijk verschil: de pneumokok is nu bestand tegen het gebruikte antibioticum.
Wat we in feite doen, is een ziekte wegdrukken, waardoor er weer een nieuwe tevoorschijn komt, die we vervolgens ook weer wegdrukken. Artsen worden dus opgeleid in wat ik de medische verschuifkunde noem.
Je kunt dat op het ogenblik mooi zien aan het inentingenbeleid.
Er is altijd een bepaalde hoeveelheid mensen per jaar die hersenvliesontsteking (meningitis) krijgt. Die ernstige ziekte wordt onder meer veroorzaakt door de bacteriën hemofilus influenca en door meningokokken A, B en C. Meningokok C was altijd de kleinste groep, totdat alle kinderen een aantal jaar geleden werden ingeënt tegen de hemofilus influenza.
👍3❤2
Toen die bacterie werd weggedrukt, zagen we plotseling een toename van hersenvliesontsteking veroorzaakt door de Meningokok C. Nu moeten alle kinderen tegen Meningokok C worden ingeënt. Ik durf te voorspellen, dat we over een jaar of drie een toename zien van de meningitis B. Dat is medische verschuifkunde!’
𝐊𝐢𝐧𝐝𝐞𝐫𝐳𝐢𝐞𝐤𝐭𝐞𝐧
Moolenburgh heeft een grote kinderpraktijk en ziet dagelijks de gevolgen van het huidige inentingenbeleid:
‘Veel kinderen hebben vanaf de tweede of derde enting chronische klachten, zoals huidirritaties, hyperactiviteit of hoofdpijn.
Kinderen worden bij twee maanden al ingeënt.
Als het kind veertien maanden is, heeft het drie maal DKTP gehad, drie maal HIB en een maal BMR.
Als je bedenkt dat een kind pas met anderhalf een goed werkend immuunsysteem heeft, enten wij veel te vroeg – en veel te veel.
Bovendien zitten er alle mogelijke andere stoffen in de ampullen die niet zo lekker zijn, bijvoorbeeld iets wat op antivries lijkt. Ik heb een hele lijst van alles wat er in zit.’
Moolenburgh werkt met middelen – ontdekt door de homeopathische arts Tinus Smits – die het schadelijke effect van de entingen neutraliseren. ‘Na zo’n ontgiftingskuur – die vooral voor DKTP van belang is – zeggen ouders vaak: “Dokter, ik heb een heel ander kind gekregen”. We moeten goed kijken wat nodig is.
Waarom moet je een jongetje inenten tegen rode hond?’
Moolenburgh valt haast van zijn stoel van het lachen. ‘Zijn we bang dat hij binnenkort zwanger wordt – want dan kun je er last van krijgen?’
Dan weer serieus: ‘Ik ben vóór polio-enting, dat is een rotziekte. Ik ben vóór tetanus, als je dat krijgt, ga je dood. Difterie is er niet meer.
De kinkhoestenting vind ik erger dan de kinkhoest. Je moet zorgen, dat je baby geen kinkhoest krijgt, maar een kind dat borstvoeding krijgt, zal die ziekte niet snel krijgen...
Bof is alleen gevaarlijk voor jongens in de puberteit, dus moet je dat pas enten als een jongen dertien jaar is en nog geen bof heeft gehad.
De mazelen is gemener geworden.
Als mensen die inenting willen geven, moet dat maar. Maar als mensen dan alleen een mazelenenting willen, krijgen ze te horen dat dit niet kan. Het is 'economisch onverantwoord'. Dat noem ik veeartsenijkunde. Wij behandelen mensen alsof het een veestapel betreft.’
Het is opvallend hoe gemakkelijk Moolenburgh zich heen en weer beweegt tussen verschillende – voor menig arts tegenstrijdige – werelden. Alternatief, orthodox, homeopathisch, spiritueel, chemisch, psychologisch, hypermodern en oeroud: hij heeft overal kennis van genomen en test het simpelweg op zijn verdiensten. Als het werkt, werkt het en wordt het toegevoegd aan het arsenaal.
Om de terreingeneeskunde te beoefenen, maakt hij gebruik van een oeroud schema, dat van de vier elementen aarde, water, lucht en vuur. ‘Dat klinkt misschien wat mystiek, maar dat is het niet.
Aarde staat voor het vaste, water voor het vloeibare, lucht voor het vluchtige en vuur voor het stralende.
Ik kijk bij een patiënt allereerst naar het vaste, de voeding dus.
Over het algemeen is die bar en boos. Om te begrijpen wat gezond voedsel is, moeten we kijken hoe voedsel ontstaat. Het eerste voedsel ontstaat uit koolzuurgas, water en zonlicht.
Die drie worden in het groene blad omgezet in suikers.
Die suikers worden door het plantenlichaam vervoerd en vervolgens omgezet in eiwitten, vetten en vitaminen.
Vitaal voedsel is voedsel dat zo dicht mogelijk bij de originele bron zit. Daarom is het van belang, dat we rauwe delen van de verse plant binnenkrijgen. Je zou kunnen zeggen, dat daar het meeste zonlicht in zit.
Tegenwoordig kunnen we dat meten met Kirlian-fotografie.
Als je een vers blad onder de lens legt, dan zie je dat het een enorme hoeveelheid licht uitstraalt. Na drie dagen doet het dat niet meer. Bij rauwe melk zie je dat ook. Gepasteuriseerde melk straalt veel minder. Hoe verder je van de bron af komt, hoe zwakker het voedsel wordt.
Een dier eten, is tweedehands voeding eten. Als het dier geen planteneter, maar een vleeseter is, is het voedsel al derdehands.
𝐊𝐢𝐧𝐝𝐞𝐫𝐳𝐢𝐞𝐤𝐭𝐞𝐧
Moolenburgh heeft een grote kinderpraktijk en ziet dagelijks de gevolgen van het huidige inentingenbeleid:
‘Veel kinderen hebben vanaf de tweede of derde enting chronische klachten, zoals huidirritaties, hyperactiviteit of hoofdpijn.
Kinderen worden bij twee maanden al ingeënt.
Als het kind veertien maanden is, heeft het drie maal DKTP gehad, drie maal HIB en een maal BMR.
Als je bedenkt dat een kind pas met anderhalf een goed werkend immuunsysteem heeft, enten wij veel te vroeg – en veel te veel.
Bovendien zitten er alle mogelijke andere stoffen in de ampullen die niet zo lekker zijn, bijvoorbeeld iets wat op antivries lijkt. Ik heb een hele lijst van alles wat er in zit.’
Moolenburgh werkt met middelen – ontdekt door de homeopathische arts Tinus Smits – die het schadelijke effect van de entingen neutraliseren. ‘Na zo’n ontgiftingskuur – die vooral voor DKTP van belang is – zeggen ouders vaak: “Dokter, ik heb een heel ander kind gekregen”. We moeten goed kijken wat nodig is.
Waarom moet je een jongetje inenten tegen rode hond?’
Moolenburgh valt haast van zijn stoel van het lachen. ‘Zijn we bang dat hij binnenkort zwanger wordt – want dan kun je er last van krijgen?’
Dan weer serieus: ‘Ik ben vóór polio-enting, dat is een rotziekte. Ik ben vóór tetanus, als je dat krijgt, ga je dood. Difterie is er niet meer.
De kinkhoestenting vind ik erger dan de kinkhoest. Je moet zorgen, dat je baby geen kinkhoest krijgt, maar een kind dat borstvoeding krijgt, zal die ziekte niet snel krijgen...
Bof is alleen gevaarlijk voor jongens in de puberteit, dus moet je dat pas enten als een jongen dertien jaar is en nog geen bof heeft gehad.
De mazelen is gemener geworden.
Als mensen die inenting willen geven, moet dat maar. Maar als mensen dan alleen een mazelenenting willen, krijgen ze te horen dat dit niet kan. Het is 'economisch onverantwoord'. Dat noem ik veeartsenijkunde. Wij behandelen mensen alsof het een veestapel betreft.’
Het is opvallend hoe gemakkelijk Moolenburgh zich heen en weer beweegt tussen verschillende – voor menig arts tegenstrijdige – werelden. Alternatief, orthodox, homeopathisch, spiritueel, chemisch, psychologisch, hypermodern en oeroud: hij heeft overal kennis van genomen en test het simpelweg op zijn verdiensten. Als het werkt, werkt het en wordt het toegevoegd aan het arsenaal.
Om de terreingeneeskunde te beoefenen, maakt hij gebruik van een oeroud schema, dat van de vier elementen aarde, water, lucht en vuur. ‘Dat klinkt misschien wat mystiek, maar dat is het niet.
Aarde staat voor het vaste, water voor het vloeibare, lucht voor het vluchtige en vuur voor het stralende.
Ik kijk bij een patiënt allereerst naar het vaste, de voeding dus.
Over het algemeen is die bar en boos. Om te begrijpen wat gezond voedsel is, moeten we kijken hoe voedsel ontstaat. Het eerste voedsel ontstaat uit koolzuurgas, water en zonlicht.
Die drie worden in het groene blad omgezet in suikers.
Die suikers worden door het plantenlichaam vervoerd en vervolgens omgezet in eiwitten, vetten en vitaminen.
Vitaal voedsel is voedsel dat zo dicht mogelijk bij de originele bron zit. Daarom is het van belang, dat we rauwe delen van de verse plant binnenkrijgen. Je zou kunnen zeggen, dat daar het meeste zonlicht in zit.
Tegenwoordig kunnen we dat meten met Kirlian-fotografie.
Als je een vers blad onder de lens legt, dan zie je dat het een enorme hoeveelheid licht uitstraalt. Na drie dagen doet het dat niet meer. Bij rauwe melk zie je dat ook. Gepasteuriseerde melk straalt veel minder. Hoe verder je van de bron af komt, hoe zwakker het voedsel wordt.
Een dier eten, is tweedehands voeding eten. Als het dier geen planteneter, maar een vleeseter is, is het voedsel al derdehands.
Een varken is bijvoorbeeld een roofdier. Mensen die veel varkensvlees eten, zitten aan het eind van de voedselketen. In die voeding zit niet alleen geen kracht, maar bovendien een hele hoop gifstoffen die wij in ons lichaam opslaan. Dat bleek tijdens de Eerste Wereldoorlog, toen in Europa de hongersnood uitbrak. De Denen besloten massaal hun varkens te slachten en graan te verbouwen. Ze bleven relatief gezond. Zelfs de Spaanse griep had weinig greep op hen. De Duitsers daarentegen gingen meer varkens fokken om de troepen te bevoorraden. De Spaanse griep heeft vreselijk huis gehouden en er ontstond bovendien op grote schaal kanker.’
Moolenburgh verbaast zich erover hoe weinig belang de gevestigde geneeskunde nog steeds aan goede voeding hecht: ‘Het allerergste is junkfood met kunstmatige kleur- en smaakstoffen – waarvan zoveel kinderen ziek worden – en witte suiker. De Amerikaanse artsen Cleve en Campbell hebben een groot onderzoek gedaan naar witte suiker. Zij noemen het ‘pure white and deadly’. Wij kunnen witte suiker niet goed verwerken, het geeft een schok aan de pancreas en er ontstaan allerlei ziekten. Wij zijn een gekonfijte maatschappij: de hoeveelheid suiker die hier wordt gegeten, is verschrikkelijk. Ik maak me ook grote zorgen over de genetische manipulatie van voedsel. We hebben daarmee iets losgelaten waarvan het eind nog niet in zicht is.
Ik heb de eerste allergieën al gezien bij een kind dat regelmatig soja van de supermarkt at. Toen ze overschakelde op soja van het reformhuis verdwenen de klachten. Maar ze doen ook iets geks. Soja wordt genetisch gemanipuleerd om het bestand te maken tegen de steeds grotere hoeveelheden bestrijdingsmiddelen. Wat ze erin hebben gebouwd, is een gen van het agrobacterium tumofaciens – een parasiet die bij planten kanker veroorzaakt – en een gen uit het bloemkoolmozaiekvirus, dat lijkt op het menselijk hepatitis B-virus. Dan denk ik bij mezelf: ben je dan nooit eens bang voor wat je doet? Maar ja, het gaat om groot geld. Een plant kun je niet patenteren. Als je hem genetisch manipuleert, kan dat wel.’
𝐊𝐰𝐚𝐥𝐢𝐭𝐞𝐢𝐭 𝐝𝐫𝐢𝐧𝐤𝐰𝐚𝐭𝐞𝐫
Na de voedingspatronen van zijn patiënten te hebben onderzocht, kijkt Moolenburgh naar de vochthuishouding. Volgens hem is de kwaliteit van het Nederlandse drinkwater niet best. ‘Daar kwam ik voor het eerst achter, toen ik bij een patiënt op bezoek ging die bij de waterleiding werkt. Ik zag een aantal flessen Spa blauw staan. Hij dronk geen kraanwater omdat hij – zoals hij het zelf zei – “het zelf maakt en weet wat er in zit”. Ik ben het water gaan meten en geef hem gelijk. Niets ten nadele van de waterleiding. Ze doen hun uiterste best, maar het is ondoenlijk om alle rotzooi die wij in het water lozen eruit te halen. Af en toe zit de Rijn vol radioactiviteit of andere gifstoffen. Ik raad mensen dus aan schoon water te drinken. Spa blauw is uitstekend. Voldoende water is essentieel. Ten eerste omdat het ons lichaam schoonspoelt. Vandaar dat er zo min mogelijk mineralen en dergelijke in dat water moet zitten. Ten tweede geeft water direct energie.
Ons lichaam is een soort hydro-elektrische centrale. Wanneer water goed stroomt, krijg je energie. Sommige mensen denken dat ze veel drinken als ze liters thee of koffie drinken. Maar dat is niet hetzelfde als water. Om nog maar te zwijgen over cola. Mensen die veel van dat soort producten drinken, zijn innerlijk verdroogd. Die kun je alleen beter maken door ze zes tot acht glazen Spa blauw per dag te laten drinken. Ik heb een heleboel patiënten hierdoor zien opknappen.
𝐋𝐮𝐜𝐡𝐭𝐯𝐞𝐫𝐨𝐧𝐭𝐫𝐞𝐢𝐧𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠
Onze lucht. Er is nu eenmaal veel luchtverontreiniging. Daaraan kan je niet zoveel doen. Maar het probleem wordt onnodig groter doordat mensen slecht ademen.
Ik stuur patiënten vaak naar een fysiotherapeut of yogaleraar om goed te leren ademen. Dan krijgen ze meer energie. Op die manier heb ik ook veel mensen kunnen genezen.
𝐄𝐥𝐞𝐤𝐭𝐫𝐨𝐦𝐚𝐠𝐧𝐞𝐭𝐢𝐬𝐜𝐡𝐞 𝐬𝐭𝐫𝐚𝐥𝐢𝐧𝐠
En ten slotte het vuur, de straling. Elektromagnetische vervuiling is een zwaar onderschat onderwerp.
Moolenburgh verbaast zich erover hoe weinig belang de gevestigde geneeskunde nog steeds aan goede voeding hecht: ‘Het allerergste is junkfood met kunstmatige kleur- en smaakstoffen – waarvan zoveel kinderen ziek worden – en witte suiker. De Amerikaanse artsen Cleve en Campbell hebben een groot onderzoek gedaan naar witte suiker. Zij noemen het ‘pure white and deadly’. Wij kunnen witte suiker niet goed verwerken, het geeft een schok aan de pancreas en er ontstaan allerlei ziekten. Wij zijn een gekonfijte maatschappij: de hoeveelheid suiker die hier wordt gegeten, is verschrikkelijk. Ik maak me ook grote zorgen over de genetische manipulatie van voedsel. We hebben daarmee iets losgelaten waarvan het eind nog niet in zicht is.
Ik heb de eerste allergieën al gezien bij een kind dat regelmatig soja van de supermarkt at. Toen ze overschakelde op soja van het reformhuis verdwenen de klachten. Maar ze doen ook iets geks. Soja wordt genetisch gemanipuleerd om het bestand te maken tegen de steeds grotere hoeveelheden bestrijdingsmiddelen. Wat ze erin hebben gebouwd, is een gen van het agrobacterium tumofaciens – een parasiet die bij planten kanker veroorzaakt – en een gen uit het bloemkoolmozaiekvirus, dat lijkt op het menselijk hepatitis B-virus. Dan denk ik bij mezelf: ben je dan nooit eens bang voor wat je doet? Maar ja, het gaat om groot geld. Een plant kun je niet patenteren. Als je hem genetisch manipuleert, kan dat wel.’
𝐊𝐰𝐚𝐥𝐢𝐭𝐞𝐢𝐭 𝐝𝐫𝐢𝐧𝐤𝐰𝐚𝐭𝐞𝐫
Na de voedingspatronen van zijn patiënten te hebben onderzocht, kijkt Moolenburgh naar de vochthuishouding. Volgens hem is de kwaliteit van het Nederlandse drinkwater niet best. ‘Daar kwam ik voor het eerst achter, toen ik bij een patiënt op bezoek ging die bij de waterleiding werkt. Ik zag een aantal flessen Spa blauw staan. Hij dronk geen kraanwater omdat hij – zoals hij het zelf zei – “het zelf maakt en weet wat er in zit”. Ik ben het water gaan meten en geef hem gelijk. Niets ten nadele van de waterleiding. Ze doen hun uiterste best, maar het is ondoenlijk om alle rotzooi die wij in het water lozen eruit te halen. Af en toe zit de Rijn vol radioactiviteit of andere gifstoffen. Ik raad mensen dus aan schoon water te drinken. Spa blauw is uitstekend. Voldoende water is essentieel. Ten eerste omdat het ons lichaam schoonspoelt. Vandaar dat er zo min mogelijk mineralen en dergelijke in dat water moet zitten. Ten tweede geeft water direct energie.
Ons lichaam is een soort hydro-elektrische centrale. Wanneer water goed stroomt, krijg je energie. Sommige mensen denken dat ze veel drinken als ze liters thee of koffie drinken. Maar dat is niet hetzelfde als water. Om nog maar te zwijgen over cola. Mensen die veel van dat soort producten drinken, zijn innerlijk verdroogd. Die kun je alleen beter maken door ze zes tot acht glazen Spa blauw per dag te laten drinken. Ik heb een heleboel patiënten hierdoor zien opknappen.
𝐋𝐮𝐜𝐡𝐭𝐯𝐞𝐫𝐨𝐧𝐭𝐫𝐞𝐢𝐧𝐢𝐠𝐢𝐧𝐠
Onze lucht. Er is nu eenmaal veel luchtverontreiniging. Daaraan kan je niet zoveel doen. Maar het probleem wordt onnodig groter doordat mensen slecht ademen.
Ik stuur patiënten vaak naar een fysiotherapeut of yogaleraar om goed te leren ademen. Dan krijgen ze meer energie. Op die manier heb ik ook veel mensen kunnen genezen.
𝐄𝐥𝐞𝐤𝐭𝐫𝐨𝐦𝐚𝐠𝐧𝐞𝐭𝐢𝐬𝐜𝐡𝐞 𝐬𝐭𝐫𝐚𝐥𝐢𝐧𝐠
En ten slotte het vuur, de straling. Elektromagnetische vervuiling is een zwaar onderschat onderwerp.
Ik krijg hier mensen die een gigantische elektrische overlast hebben. Dat is erg gevaarlijk. Onze celmembranen hebben namelijk een bepaalde lading, die tegenovergesteld is aan de lading van het protoplasma van de cel. Als dat evenwicht wordt verstoord, worden de cellen als het ware ontladen. Ze worden poreuzer, waardoor allerlei schadelijke stoffen kunnen binnenkomen. Op die manier kan elektromagnetische vervuiling mensen ziek maken.’
Moolenburgh kreeg twee jaar geleden een meisje van acht op zijn spreekuur. Ze was al een half jaar vreselijk moe. Hij deed alle mogelijke allergietesten, maar het kind reageerde niet. Na een half jaar zei hij tegen de moeder: ‘Meestal lukt het me wel, 85 procent van de kinderen die ik zie, wordt beter. Is er in het afgelopen jaar misschien iets gebeurd dat ik nog niet weet?’ De moeder kon zich niets herinneren, het meisje echter wél. Er bleek een GSM-zender op het dak van de school te zijn gebouwd. ‘Die stoorde onze walkmans,’ vertelde het meisje. De ouders stuurden het kind naar een andere school. Binnen veertien dagen was ze beter. Het effect van elektromagnetische straling blijkt nog een onderschat onderwerp. ‘Er is een flink aantal boeken over elektromagnetische vervuiling geschreven, maar het is nog niet tot de universiteit doorgedrongen,’ zegt Moolenburgh en hij wijst in het bijzonder op het gevaar van de magnetron die in vele huishoudens dagelijks wordt gebruikt: ‘De magnetron doodt alle enzymen en verandert de goede vetten in slechte vetten. Ik heb zelf vastgesteld dat de magnetron enorm veel energie aan mensen ontneemt. Bovendien produceert het ding veel deeltjes, die je ook bij radioactieve vervuiling ziet. Zoals een goede vriend en collega in de Verenigde Staten zegt: “Er is maar een plaats voor de magnetron: de schroothoop!”’
Nadat Moolenburgh met zijn patiënten langs de gebieden van aarde, water, lucht en vuur is geweest en zoveel mogelijk heeft schoongemaakt, kijkt hij naar de rest en werkt dan zo nodig via orthodoxe methoden. Keer op keer ziet hij echter, dat mensen hun leefpatronen maar heel moeilijk veranderen. ‘Ik denk dat het een vorm van luiheid is. Als je naar de dokter gaat, verwacht je een pil. Klaar.
Als ik tegen iemand zeg: “U hebt al drie jaar hoofdpijn, u eet te veel drop en u drinkt niet. U moet elke dag acht glazen water drinken en geen dropjes meer eten”, dan vraag ik inzet van die patiënt. De meeste mensen zijn daartoe niet bereid. Net als instant voedsel, willen ze instant genezing.
Als er dan een andere klacht bovenop de hoofdpijn komt, wordt het verband ook niet meer gezien.
Het ligt dus niet alleen aan de artsen. Artsen reageren ook op hun patiënten. Als iemand instant genezing wil, denkt de arts ook: “OK, dan krijg je dat”.
Artsen hebben het bovendien erg druk. Nog iets: door onze opleiding worden wij opgevoed om buitengewoon gehoorzaam te zijn. Op het moment dat je uit de pas loopt, krijg je een hoop gelazer.’
En daar kan Moolenburgh over meepraten. Hij liep regelmatig uit de pas en had regelmatig gelazer. De strijdbare arts heeft zich zijn leven lang verzet tegen wat hij ‘intellectuele onderdrukking’ noemt. Niet voor niets werd zijn motto:
‘Geloof nooit iets totdat het officieel wordt ontkend’.
Zijn bekendste strijd begon in 1968 toen de regering besloot fluor aan het drinkwater toe te voegen.
Moolenburgh klom in de pen en schreef een stukje in de krant, waarin hij zich verzette tegen het verspreiden van een geneesmiddel via het drinkwater. Hij waarschuwde bovendien voor de toename van kanker.
Die woorden bleken profetisch. Naderhand hebben de Amerikaanse chemici Dean Burk en John Yiamouyiannis in de Verenigde Staten onderzoek gedaan onder twee maal tien miljoen mensen van verschillende steden. Het bleek dat gefluorideerd water de kankersterfte binnen vijf jaar met tien procent doet toenemen. Moolenburgh werd na zijn stukje in de krant op het matje geroepen en moest zich melden bij de inspecteur van de volksgezondheid. Daar speelde zich de volgende dialoog af:
De inspecteur: ‘U maakt de bevolking onrustig’.
Moolenburgh kreeg twee jaar geleden een meisje van acht op zijn spreekuur. Ze was al een half jaar vreselijk moe. Hij deed alle mogelijke allergietesten, maar het kind reageerde niet. Na een half jaar zei hij tegen de moeder: ‘Meestal lukt het me wel, 85 procent van de kinderen die ik zie, wordt beter. Is er in het afgelopen jaar misschien iets gebeurd dat ik nog niet weet?’ De moeder kon zich niets herinneren, het meisje echter wél. Er bleek een GSM-zender op het dak van de school te zijn gebouwd. ‘Die stoorde onze walkmans,’ vertelde het meisje. De ouders stuurden het kind naar een andere school. Binnen veertien dagen was ze beter. Het effect van elektromagnetische straling blijkt nog een onderschat onderwerp. ‘Er is een flink aantal boeken over elektromagnetische vervuiling geschreven, maar het is nog niet tot de universiteit doorgedrongen,’ zegt Moolenburgh en hij wijst in het bijzonder op het gevaar van de magnetron die in vele huishoudens dagelijks wordt gebruikt: ‘De magnetron doodt alle enzymen en verandert de goede vetten in slechte vetten. Ik heb zelf vastgesteld dat de magnetron enorm veel energie aan mensen ontneemt. Bovendien produceert het ding veel deeltjes, die je ook bij radioactieve vervuiling ziet. Zoals een goede vriend en collega in de Verenigde Staten zegt: “Er is maar een plaats voor de magnetron: de schroothoop!”’
Nadat Moolenburgh met zijn patiënten langs de gebieden van aarde, water, lucht en vuur is geweest en zoveel mogelijk heeft schoongemaakt, kijkt hij naar de rest en werkt dan zo nodig via orthodoxe methoden. Keer op keer ziet hij echter, dat mensen hun leefpatronen maar heel moeilijk veranderen. ‘Ik denk dat het een vorm van luiheid is. Als je naar de dokter gaat, verwacht je een pil. Klaar.
Als ik tegen iemand zeg: “U hebt al drie jaar hoofdpijn, u eet te veel drop en u drinkt niet. U moet elke dag acht glazen water drinken en geen dropjes meer eten”, dan vraag ik inzet van die patiënt. De meeste mensen zijn daartoe niet bereid. Net als instant voedsel, willen ze instant genezing.
Als er dan een andere klacht bovenop de hoofdpijn komt, wordt het verband ook niet meer gezien.
Het ligt dus niet alleen aan de artsen. Artsen reageren ook op hun patiënten. Als iemand instant genezing wil, denkt de arts ook: “OK, dan krijg je dat”.
Artsen hebben het bovendien erg druk. Nog iets: door onze opleiding worden wij opgevoed om buitengewoon gehoorzaam te zijn. Op het moment dat je uit de pas loopt, krijg je een hoop gelazer.’
En daar kan Moolenburgh over meepraten. Hij liep regelmatig uit de pas en had regelmatig gelazer. De strijdbare arts heeft zich zijn leven lang verzet tegen wat hij ‘intellectuele onderdrukking’ noemt. Niet voor niets werd zijn motto:
‘Geloof nooit iets totdat het officieel wordt ontkend’.
Zijn bekendste strijd begon in 1968 toen de regering besloot fluor aan het drinkwater toe te voegen.
Moolenburgh klom in de pen en schreef een stukje in de krant, waarin hij zich verzette tegen het verspreiden van een geneesmiddel via het drinkwater. Hij waarschuwde bovendien voor de toename van kanker.
Die woorden bleken profetisch. Naderhand hebben de Amerikaanse chemici Dean Burk en John Yiamouyiannis in de Verenigde Staten onderzoek gedaan onder twee maal tien miljoen mensen van verschillende steden. Het bleek dat gefluorideerd water de kankersterfte binnen vijf jaar met tien procent doet toenemen. Moolenburgh werd na zijn stukje in de krant op het matje geroepen en moest zich melden bij de inspecteur van de volksgezondheid. Daar speelde zich de volgende dialoog af:
De inspecteur: ‘U maakt de bevolking onrustig’.
👍1
Moolenburgh: ‘Maar dat is mijn bedoeling!’
‘Ja maar dat mag u niet.’
‘Waarom niet?’
‘Ik moet u dat verbieden.’
‘Van wie moet u dat?’
Het bleek dat de inspecteur een telefoontje van het ministerie had gekregen. Moolenburgh moest worden berispt, omdat hij het vertrouwen in de medische stand zou ondermijnen. Moolenburgh was de man echter te slim af: ‘Ik heb niet als arts geschreven, maar als burger.’ Overigens hebben we het voor een groot deel aan Moolenburgh en zijn boek over het gevaar van fluor te danken, dat het toevoegen van fluor aan drinkwater in 1976 officieel werd verboden.
𝘋𝘦 𝘸𝘦𝘵𝘦𝘯𝘴𝘤𝘩𝘢𝘱 𝘬𝘦𝘯𝘵 𝘨𝘦𝘦𝘯 𝘵𝘳𝘢𝘯𝘦𝘯
Moolenburgh schreef een boek over ‘uit de pas lopende artsen’: De wetenschap kent geen tranen. ‘Ik heb een groot aantal processen gezien tegen collegae die werden aangevallen door de officiële geneeskunde, omdat zij kanker niet volgens de richtlijnen hadden behandeld. Het meest absurde voorbeeld was een arts die een kind had genezen, maar werd vervolgd omdat hij het niet met chemotherapie had gedaan. Het probleem ligt echter niet alleen bij de overheid.
Er is sprake van een onheilige drie-eenheid: staat, wetenschap, commercie. Het werkt zo: de commercie heeft een nieuw middel gemaakt en laat dat – tegen betaling van een behoorlijk bedrag – onderzoeken door een wetenschapper die liefst verbonden is aan een universiteit. Tegelijkertijd wordt een verzoek ingediend bij de staatscommissie voor de verpakte geneesmiddelen. Als de universiteit het groene licht geeft, dan laten de leden van de staatscommissie het toe op de markt. Deze procedures kosten veel geld en zijn meestal alleen haalbaar voor de farmaceutische multinationals.
Een recentelijk gevormd kartel van de zeven grootste farmaceutische giganten onderstreept de werking van deze drie-eenheid. Tezamen zagen deze farmaceuten kans de Europese wetgeving zodanig aangepast te krijgen, dat een groot deel van de orthomoleculaire middelen en vitaminepreparaten wordt verboden. Dat is een ramp! Ik heb vandaag nog een kwade brief aan de minister geschreven. Er zijn zoveel middelen die het erg goed deden. Het argument is steeds: “Je kunt niet bewijzen dat het helpt”. Dat is logisch, want om dat te bewijzen, moet je voor elk middel minimaal een paar duizend euro betalen om het onderzoek te financieren. Kleine bedrijven hebben het geld niet daarvoor. De grote farmaceutische ondernemingen kregen wel steeds meer last van die kleine bedrijven. Steeds meer mensen kopen namelijk liever natuurlijke vitaminen-, enzym- en mineraalpreparaten, dan al die chemische middelen. Het lijkt waarschijnlijk, dat de giganten de concurrentie van de vele natuurlijke en veilige middelen die het publiek niet in de apotheek van hen koopt, weg willen hebben. Vroeger werden de individuele, uit de pas lopende artsen aangepakt. Nu gebeurt het slimmer; ze pakken ons de middelen af!’
De gevolgen van de ‘onheilige’ drie-eenheid van staat, wetenschap en commercie, ziet Moolenburgh ook in de bestrijding van aids: ‘Het is bekend dat het hiv-verhaal bepaald niet sluitend is. In Afrika werden een aantal ziekten vroeger gewoon bij de naam genoemd: tuberculose, malaria, et cetera.
Tegenwoordig noemen ze dat “indicatorziekten voor aids”. Met andere woorden: als iemand zo’n ziekte heeft, dan wordt hij op het aidslijstje bijgeschreven. Logisch dat de aids in Afrika zo’n explosieve groei doormaakt. En die ongelukkige president van Zuid-Afrika maar zeggen: “Waar zijn dan al die miljoenen doden? Ik zie ze niet!” Hij heeft nog gelijk ook. Als je je indicatie verandert wanneer het je zo uitkomt, is het hek van de dam. Maar dat gebeurt veel meer dan we weten en dat is heel erg naar, want het is corruptie van de wetenschap.’
De gangbare aidsbestrijding verloopt ook volgens de Pasteuriaanse traditie: liever een vijand buiten jezelf bestrijden dan verantwoordelijkheid nemen voor je eigen immuunsysteem. En dat is een systeem dat met de dag onder grotere druk komt te staan.
‘Ja maar dat mag u niet.’
‘Waarom niet?’
‘Ik moet u dat verbieden.’
‘Van wie moet u dat?’
Het bleek dat de inspecteur een telefoontje van het ministerie had gekregen. Moolenburgh moest worden berispt, omdat hij het vertrouwen in de medische stand zou ondermijnen. Moolenburgh was de man echter te slim af: ‘Ik heb niet als arts geschreven, maar als burger.’ Overigens hebben we het voor een groot deel aan Moolenburgh en zijn boek over het gevaar van fluor te danken, dat het toevoegen van fluor aan drinkwater in 1976 officieel werd verboden.
𝘋𝘦 𝘸𝘦𝘵𝘦𝘯𝘴𝘤𝘩𝘢𝘱 𝘬𝘦𝘯𝘵 𝘨𝘦𝘦𝘯 𝘵𝘳𝘢𝘯𝘦𝘯
Moolenburgh schreef een boek over ‘uit de pas lopende artsen’: De wetenschap kent geen tranen. ‘Ik heb een groot aantal processen gezien tegen collegae die werden aangevallen door de officiële geneeskunde, omdat zij kanker niet volgens de richtlijnen hadden behandeld. Het meest absurde voorbeeld was een arts die een kind had genezen, maar werd vervolgd omdat hij het niet met chemotherapie had gedaan. Het probleem ligt echter niet alleen bij de overheid.
Er is sprake van een onheilige drie-eenheid: staat, wetenschap, commercie. Het werkt zo: de commercie heeft een nieuw middel gemaakt en laat dat – tegen betaling van een behoorlijk bedrag – onderzoeken door een wetenschapper die liefst verbonden is aan een universiteit. Tegelijkertijd wordt een verzoek ingediend bij de staatscommissie voor de verpakte geneesmiddelen. Als de universiteit het groene licht geeft, dan laten de leden van de staatscommissie het toe op de markt. Deze procedures kosten veel geld en zijn meestal alleen haalbaar voor de farmaceutische multinationals.
Een recentelijk gevormd kartel van de zeven grootste farmaceutische giganten onderstreept de werking van deze drie-eenheid. Tezamen zagen deze farmaceuten kans de Europese wetgeving zodanig aangepast te krijgen, dat een groot deel van de orthomoleculaire middelen en vitaminepreparaten wordt verboden. Dat is een ramp! Ik heb vandaag nog een kwade brief aan de minister geschreven. Er zijn zoveel middelen die het erg goed deden. Het argument is steeds: “Je kunt niet bewijzen dat het helpt”. Dat is logisch, want om dat te bewijzen, moet je voor elk middel minimaal een paar duizend euro betalen om het onderzoek te financieren. Kleine bedrijven hebben het geld niet daarvoor. De grote farmaceutische ondernemingen kregen wel steeds meer last van die kleine bedrijven. Steeds meer mensen kopen namelijk liever natuurlijke vitaminen-, enzym- en mineraalpreparaten, dan al die chemische middelen. Het lijkt waarschijnlijk, dat de giganten de concurrentie van de vele natuurlijke en veilige middelen die het publiek niet in de apotheek van hen koopt, weg willen hebben. Vroeger werden de individuele, uit de pas lopende artsen aangepakt. Nu gebeurt het slimmer; ze pakken ons de middelen af!’
De gevolgen van de ‘onheilige’ drie-eenheid van staat, wetenschap en commercie, ziet Moolenburgh ook in de bestrijding van aids: ‘Het is bekend dat het hiv-verhaal bepaald niet sluitend is. In Afrika werden een aantal ziekten vroeger gewoon bij de naam genoemd: tuberculose, malaria, et cetera.
Tegenwoordig noemen ze dat “indicatorziekten voor aids”. Met andere woorden: als iemand zo’n ziekte heeft, dan wordt hij op het aidslijstje bijgeschreven. Logisch dat de aids in Afrika zo’n explosieve groei doormaakt. En die ongelukkige president van Zuid-Afrika maar zeggen: “Waar zijn dan al die miljoenen doden? Ik zie ze niet!” Hij heeft nog gelijk ook. Als je je indicatie verandert wanneer het je zo uitkomt, is het hek van de dam. Maar dat gebeurt veel meer dan we weten en dat is heel erg naar, want het is corruptie van de wetenschap.’
De gangbare aidsbestrijding verloopt ook volgens de Pasteuriaanse traditie: liever een vijand buiten jezelf bestrijden dan verantwoordelijkheid nemen voor je eigen immuunsysteem. En dat is een systeem dat met de dag onder grotere druk komt te staan.
👍1